|
1.
Chrooting
Optioneel: Mirrors selecteren
Om broncodes snel te kunnen downloaden, is het aanbevolen om een snelle mirror
te kiezen. Portage zal in het make.conf bestand zoeken naar de
GENTOO_MIRRORS variabele, de mirrors die deze bevat worden gebruikt. U kunt
naar onze mirror lijst surfen en naar een
mirror (of mirrors) die dicht bij u is (omdat deze vaak de snelste zijn),
maar we bieden ook een mooie tool genaamd mirrorselect aan. Deze biedt u
een mooie interface om de juiste mirrors te kiezen.
Codevoorbeeld 1.1: mirrorselect gebruiken voor de GENTOO_MIRRORS variabele |
# mirrorselect -i -o >> /mnt/gentoo/etc/make.conf
|
Waarschuwing:
Kies geen IPv6 mirrors. Onze huidige stages ondersteunen geen IPv6.
|
Een tweede belangrijke instelling, is de SYNC instelling in
make.conf. Deze variabele bevat de rsync server die u wilt
gebruiken wanneer u de Portage boom (de verzameling ebuilds, alle informatie
die Portage nodig heeft om software te downloaden en te installeren) update.
Hoewel u handmatig een SYNC server kunt opgeven, kan mirrorselect dit
veel makkelijker maken:
Codevoorbeeld 1.1: Met behulp van mirrorselect een rsync mirror kiezen |
# mirrorselect -i -r -o >> /mnt/gentoo/etc/make.conf
|
Het is sterk aan te bevelen om na het draaien van mirrorselect alle
instellingen in /mnt/gentoo/etc/make.conf nogmaals te controleren!
DNS Info kopieren
Voor we kunnen chrooten moet eerst de DNS informatie naar
/etc/resolv.conf gekopieerd worden. Dit is nodig omdat de nieuwe
omgeving de nameservers voor uw netwerk moet kennen.
In /etc/resolv.conf staan die nameservers voor uw netwerk.
Codevoorbeeld 1.1: Kopieer de DNS informatie |
# cp -L /etc/resolv.conf /mnt/gentoo/etc/resolv.conf
|
Het /proc en /dev bestandssysteem mounten
Mount het /proc bestandssysteem op /mnt/gentoo/proc
om de installatie toe te staan informatie die de kernel levert te gebruiken,
zelfs in de gechroote omgeving. Mount-bind hierna het /dev
bestandssysteem.
Codevoorbeeld 1.1: /proc en /dev mounten |
# mount -t proc none /mnt/gentoo/proc
# mount -o bind /dev /mnt/gentoo/dev
|
De Nieuwe Omgeving binnen gaan (chrooten)
Nu alle partities aangemaakt zijn en de basis omgeving geïnstalleerd is,
kunnen we naar de nieuwe omgeving overstappen. Dit gebeurt door te
chrooten, dit betekent dat we van de installatie omgeving (Installatie
CD of een ander installatie medium) overstappen naar de geïnstalleerde omgeving
(namelijk uw aangemaakte partities).
Dit chrooten gebeurt in drie stappen. Eerst passen we de root aan van
/ (op het installatie medium) naar /mnt/gentoo (op uw
partities) met chroot. Daarna maken we de nieuwe omgeving aan met
env-update welke alle omgevingsvariabelen aanmaakt. Als laatste laden
we die variabelen in het geheugen met source.
Codevoorbeeld 1.1: De nieuwe omgeving binnen chrooten |
# chroot /mnt/gentoo /bin/bash
# env-update
>> Regenerating /etc/ld.so.cache...
# source /etc/profile
# export PS1="(chroot) $PS1"
|
Proficiat! U bent nu in uw eigen Gentoo Linux omgeving. Uiteraard bent u nog
niet klaar, daarom wachten er nog een aantal secties op u :-)
1.
Configureren van Portage
Updaten van de Portage tree
U dient nu de Portage tree to updaten naar de meest recente versie.
emerge --sync doet dit voor u.
Codevoorbeeld 1.1: Updaten van de Portage tree |
# emerge --sync
.
emerge --sync --quiet
|
Als u achter een firewall zit die rsync verkeer blokkeert, kunt u
emerge-webrsync gebruiken om een portage snapshot te downloaden.
Als er een waarschuwing komt dat er een update is voor Portage kunt u dit
veilig negeren. We zullen Portage later tijdens de installatie wel updaten.
Het juiste profiel kiezen
Om te beginnen, is een kleine definitie op zijn plaats.
Een profiel is een bouwsteen voor ieder Gentoo systeem. Niet alleen bepaalt het
de standaard waarden voor CHOST, CFLAGS en andere belangrijke variabelen, het
beperkt het systeem ook tot bepaalde versies van pakketten. Dit wordt allemaal
onderhouden door de Gentoo ontwikkelaars.
Tot nu toe werd zo'n profiel nauwelijks aangeraakt door de gebruiker. Echter,
x86, hppa en alpha gebruikers kiezen tussen twee profielen. Een voor een 2.4
kernel en de andere voor een 2.6 kernel. Deze vereiste is ingesteld zodat er
een betere integratie van 2.6 kernels kan plaatsvinden. De ppc en ppc64
architecturen hebben ook verschillende profielen, deze komen later aan bod.
U kunt zien welk profiel u nu gebruikt door het volgende commando uit te
voeren:
Codevoorbeeld 1.1: Uw systeem profiel bekijken |
# ls -FGg /etc/make.profile
lrwxrwxrwx 1 48 Apr 8 18:51 /etc/make.profile -> ../usr/portage/profiles/default-linux/x86/2005.0/
|
Wanneer gebruik maakt van een van de drie bovenstaande architecturen, zal het
standaard profiel een Linux 2.6-gebaseerd systeem. Dit is de aangeraden
standaard, maar u heeft uiteraard de mogelijkheid om een ander profiel te
kiezen
Sommige gebruikers willen mischien een systeem wat gebaseerd is op de het oudere
Linux 2.4-profiel. Indien u hier een goede reden toe hebt, moet u eerst kijken
of zo'n profiel bestaat. Op x86 kunt u dit doen met het volgende commando:
Codevoorbeeld 1.1: Kijken of er een extra profiel bestaat |
# ls -d /usr/portage/profiles/default-linux/x86/no-nptl/2.4
/usr/portage/profiles/default-linux/x86/no-nptl/2.4
|
Het bovenstaande voorbeeld laat zien dat het extra 2.4 profiel bestaat (er
wordt niet geklaagd dat er een bestand of map mist). Het is aanbevolen om het
standaard profiel te houden, maar wanneer u wilt wisselen, kunt u dat op
volgende manier doen:
Codevoorbeeld 1.1: Op een 2.4 profiel overstappen |
# ln -snf /usr/portage/profiles/default-linux/x86/no-nptl/2.4 /etc/make.profile
# ls -FGg /etc/make.profile/
total 12
-rw-r--r-- 1 939 Dec 10 14:06 packages
-rw-r--r-- 1 347 Dec 3 2004 parent
-rw-r--r-- 1 573 Dec 3 2004 virtuals
|
Voor ppc zijn er enkele nieuwe profielen beschikbaar sinds 2006.0.
Codevoorbeeld 1.1: PPC profielen |
# ln -snf /usr/portage/profiles/default-linux/ppc/ppc32/2006.0 /etc/make.profile
# ln -snf /usr/portage/profiles/default-linux/ppc/ppc32/2006.0/G3 /etc/make.profile
# ln -snf /usr/portage/profiles/default-linux/ppc/ppc32/2006.0/G3/Pegasos/ /etc/make.profile
# ln -snf /usr/portage/profiles/default-linux/ppc/ppc32/2006.0/G4 /etc/make.profile
# ln -snf /usr/portage/profiles/default-linux/ppc/ppc32/2006.0/G4/Pegasos/ /etc/make.profile
|
Voor ppc64 zijn de onderstaande profielen nieuw sinds 2006.0.
Codevoorbeeld 1.1: PPC64 Profiles |
# ln -snf /usr/portage/profiles/default-linux/ppc/ppc64/2006.0/64bit-userland /etc/make.profile
# ln -snf /usr/portage/profiles/default-linux/ppc/ppc64/2006.0/32bit-userland /etc/make.profile
# ln -snf /usr/portage/profiles/default-linux/ppc/ppc64/2006.0/(gebruikersprofiel)/970 /etc/make.profile
# ln -snf /usr/portage/profiles/default-linux/ppc/ppc64/2006.0/(gebruikersprofiel)/970/pmac /etc/make.profile
# ln -snf /usr/portage/profiles/default-linux/ppc/ppc64/2006.0/(gebruikersprofiel)/power3 /etc/make.profile
# ln -snf /usr/portage/profiles/default-linux/ppc/ppc64/2006.0/(gebruikersprofiel)/power4 /etc/make.profile
# ln -snf /usr/portage/profiles/default-linux/ppc/ppc64/2006.0/(gebruikersprofiel)/power5 /etc/make.profile
|
De USE variabelen configureren
USE is een van de meest krachtige variabelen die Gentoo biedt.
Verschillende programma's kunnen met optionele ondersteuningen voor bepaalde
zaken gecompileerd worden. Bijvoorbeeld, sommigen met gtk- of qt-ondersteuning.
Anderen met of zonder SSL ondersteuning. Sommige programma's kunnen zelfs met
framebuffer ondersteuning (svgalib) in plaats van X11 support (X-server)
gecompileerd worden.
De meeste distributies compileren hun pakketten met zoveel mogelijke
ondersteuningen, wat zorgt voor grotere programma's, lange laadtijden en meer
afhankelijkheden. Bij Gentoo bent u vrij alleen de opties die u zelf wilt te
gebruiken. Dit is waar USE om de hoek komt kijken.
In de USE variabele definieert u sleutelwoorden die aan compile-opties
gelinked zijn. Bijvoorbeeld, ssl zal ssl-support compileren bij alle
programma's die dat ondersteunen. -X verwijderd X-server support (let op
de min). gnome gtk -kde -qt zal uw programma's met gnome (en gtk)
support, maar niet met kde (en qt) support compileren, zodat uw systeem
volledig is getweaked voor GNOME.
De standaard USE instellingen staan in de make.defaults
bestanden van uw profiel. U zult make.defaults bestanden vinden
in de map waarnaar /etc/profile verwijst en tevens in alle
bovenliggende mappen. De standaard USE instelling is de som van alle
USE instellingen in alle make.defaults bestanden. Wat u
zelf in /etc/make.conf plaatst, wordt berekend tegen de standaard
instellingen. Wanner u iets toevoegt aan USE wordt het in de standaard
opgenomen. En als u iets verwijdert uit USE wordt dit uit de standaard
weggehaald (indien het er in zat). Pas nooit iets aan binnen
/etc/make.profile; dit bestand wordt overschreven bij een een
update van Portage!
Een volledige beschrijving van USE is te vinden in het tweede deel van
het Gentoo Handboek, (USE vlaggen). Alle
beschikbare USE vlaggen zijn te vinden op het systeem onder
/usr/portage/profiles/use.desc.
Codevoorbeeld 1.1: Alle beschikbare USE vlaggen bekijken |
# less /usr/portage/profiles/use.desc
|
Als voorbeeld USE instelling: een KDE-gebaseerd systeem met DVD, ALSA
en CD Recording support:
Codevoorbeeld 1.1: /etc/make.conf openen |
# nano -w /etc/make.conf
|
Codevoorbeeld 1.1: USE instelling |
USE="-gtk -gnome qt kde dvd alsa cdr"
|
Optional: GLIBC Locales
U zult waarschijnlijk slechts één of misschien twee locales op uw systeem
gebruiken. Wanner u glibc compileert zal echter een volledige set van
alle beschikbare locales gemaakt worden. U kunt userlocales als USE vlag
instellen en alleen de locales die u nodig heeft in
/etc/locales.build plaatsen. Doe dit alleen als u weet welke
locales u wilt.
Codevoorbeeld 1.1: Activeren van de userlocales USE vlag specifiek voor glibc |
# mkdir -p /etc/portage
# echo "sys-libs/glibc userlocales" >> /etc/portage/package.use
|
kies nu de locales die u nodig heeft:
Codevoorbeeld 1.1: /etc/locales.build Openen |
# nano -w /etc/locales.build
|
De volgende locales zijn een voorbeeld om Engelse (Verenigde Staten) en Duitse
(Duitsland) locales te krijgen met bijpassende karaktersets (zoals UTF-8).
Codevoorbeeld 1.1: Uw locales kiezen |
en_US/ISO-8859-1
en_US.UTF-8/UTF-8
de_DE/ISO-8859-1
de_DE@euro/ISO-8859-15
|
Ga nu verder met (de Kernel
configureren).
|